Ontzag

Ook al woon ik hier al vijf jaren. Ik blijf zin hebben om het landschap hier keer op keer te fotograferen. Krek dezelfde zee en bergen. Ook al zal ik nooit zwemmen in alle zeeën, nooit alle bergen beklimmen; hen om mee heen zien vult me tegelijk met ontzag voor deze wereld en verbindt me ermee.

Als ik mijn ogen sluit en even weer in Kampenhout woon, dan mis ik hun gezelschap.

Wordt het niet eens tijd voor dat kunstmatige eiland aan onze Noordzeekust, neen?

In de volgende post: een tripje naar Vancouver. Of was dat wel Vancouver…?

Advertenties

To all family, friends and colleagues in Belgium.

My family celebrates spring with the arrival of the beautiful, short-lived cherry blossom, or sakura.
This year, spring began in the worst possible of conditions for any Belgian.

May the blossoms be a reminder that life will always renew itself.
Don´t lose hope in each other, in the beauty of this world, in the fundamental goodness of all children of the same human race.

Peace, Salaam, Shalom

Als het goed is, zeggen we het ook

Het is een Vlaamse uitdrukking, maar eigenlijk niet zo Vlaams… Wanneer ik een Vlaming “goed bezig” hoorde zeggen, betekende dat vaak het tegenovergestelde. Ik kan nog veel meer voorbeelden geven, maar liever gooi ik het over een andere boeg: even de loftrompet afsteken over mijn gastland.

Hoewel ik elke dag sakker en foeter op mijn stad / mijn provincie / mijn gastland wil ik deze dingen toch even in het zonnetje zetten:

  • Het verkeer is veel rustiger, en zelfs met veel 16jarigen op de baan best wel veilig. Veel kruispunten hebben geen lichten, enkel de “gentlemen’s rule”: wie eerst kwam (en stopte) mag ook weer eerst vertrekken.
  • Veel meer plees. Elke grote winkel heeft ze, vaak helemaal aan het begin. En vaak met eentje met een goede uitklaptafel om luiertjes te verversen. Nooit hoef je hier half beschaamd naar de personeels-wc te vragen.
  • Koffie / thee en de kleine honger. Zo veel makkelijker om een goede thee of koffie te vinden. Je moet niet tot 19u wachten eer restaurants zich goed genoeg voelen om open te gaan. Zoveel keuze in kwaliteit en prijs. In mijn herinnering is er in Vlaanderen enkel een cafe voor bier (met nootjes), een bistro met microgolfoven-spaghetti of Een Restaurant. Neen, ik ben blij met de ruime keuze.
  • Vriendelijkheid. Ook al vind ik veel Canadezen een beetje platte pannekoeken, ze zijn wel vriendelijk, en meestal nog gemeend ook.

En nog een uitsmijtertje:

Gisteren ochtend een wandelingetje gemaakt met de dochter, om la mama enkele uurtjes extra slaap te gunnen. Heerlijke pre-lente! Vlakbij is een oud parkdomein waar nu een appartementsgebouw gebouwd wordt. De ontwikkelaars zijn zo wijs geweest alle grote bomen te laten staan. Zo kan ik aan Moka laten zien hoe volwassen ceders, cypressen, en wilgen er uitzien.

Onze wandeling neemt ons langs de winkelstraat, waar net iedereen de deuren opent. Voel me net in een Britse jeugdserie hehe. Twintig oude blanken staan aan te schuiven voor de deur van het casino. Kunnen niet wachten om hun geld te verbranden. Evenveel mensen staan aan te schuiven voor de deur van de bibliotheek. Kunnen niet wachten om de hele dag te vergooien op het internet of te pitten in de sofas hun hersenen te doen vollopen met de kennis van de wereld.

We klimmen nog even langs Nob Hill, en langs de stammen van machtige Garry eiken zien we een glimp van verre baaien, eilanden en bergen.

Allez, ik zie dat toch allemaal. Moka ziet enkel de binnenkant van haar oogleden, en misschien fijne dingen in haar dromenland.

Geld besparen, “a simple art”

“Don’t judge a book by its cover,” zeggen ze hier. Wie mijn verhaal al een tijdje volgt weet dat ik sinds ik in Canada woon met (veel) minder rondkom dan tevoren. En dat is in stapjes gebeurd. Maar wat ik nu voor mekaar kreeg is toch gene kattepis.

Bij de bibliotheek had ik een geweldig kookboek ontleend: “Japanese Cooking, a simple art”. Helemaal mijn ding. Bovendien voorzien van een prachtige omslag.

japanese_food06-thumb-180x258-2734.jpg

Na drie ontleningen was het me duidelijk dat ik dit boek vaak zou gebruiken, en een kookboek wordt pas nuttig wanneer je er nota’s in kan maken. Dus, aanschaffen die handel.
Dat is an sich al een geweldige stap voorwaarts voor deze kerel: vroeger zou ik het boek gewoon meteen gekocht hebben, zonder het eerst bij de bib te ontlenen.

De zoektocht gaf me echter koude rillingen. Nieuwe en tweedehandse versies van dit boek kosten evenveel, zo’n 70 Canadese dollar. Dat zijn 35 kopjes koffie drie pakken luiers. Behalve eentje. Eentje was te koop voor .. 2 dollar! Dat kan niet, hoor ik u zeggen. Toch wel. Maar het boek had geen mooie omslag meer, enkel de saaie gewone kaft. Mijn brein peinsde zich suf. Toegeven aan mijn oude gewoontes? (De hopen geld die ik uitgaf “om toch maar de hele collectie te hebben” of “de uitgave met de gouden randjes!”…) Of mijn zwaktes te boven komen?

Er was een kleine kans dat capituleren, want de verkoper kon DSC04867.jpgniet garanderen dat het boek echt hetzelfde is. De auteur staat niet vermeld op de gewone kaft, en zelfs de titel is een beetje anders. Maar ik besloot de gok-van-2-dollar te nemen.

En jawel, twee weken later ligt er een fantastisch kookboek in de bus. Voor 2 dollar. (en 15 dollar verzendkosten, auw! Maar die had ik sowieso extra mogen ophoesten bij eender welke andere verkoper.) Dolgelukkig ga ik nu aan de slag, en de kleine dochter heeft drie weken langer propere luiers aan de bibs.

 

Geluk zit in een klein boekje

Altijd fijn om post te krijgen uit Belgenland, maar vorige week zat er toch iets geweldigs in de bus. De oude collega’s van de jeugddienst (en gezondheidspromotie, ja ja Ben 😉 ) maakten een ABC boek voor onze kleine spruit, vol met gein van onze oude avonturen. Bedankt rakkers! Wanneer de kinderen allemaal groot zijn en we onze midlifecrisissen overleefd hebben dan gaan we weer op avontuur!

EN gezien ze dat duidelijk tijd en moeite heeft gekost, hebben ze maar meteen extra post bijgestoken voor het komende jaar. Zo kunnen we envelopjes openen voor Moka’s verjaardag, Suzu’s verjaardag en nog veel meer. En ook eentje voor… “nurfdag”? Ik heb geen flauw idee! Wie kan helpen?

En de pinnemuts? Onze lieve buurvrouw die graag breit maakte een kabouter van Moka. N. moest even nadenken wat een kabouter ook alweer was. Met mijn welbedoelde uitleg ging ze aan het googelen, en slaakte een kreet van verontwaardiging. “Onze Moka is zo geen lelijk ding!” Gelukkig volstond een snelle blik om het misverstand recht te zetten, en de brave Gimli uit Lord of the Rings op haar scherm te vervangen door een echte boskabouter.

 

Expat verhalen: werkloosheidsuitkering en een vlek

Werrekeloows

Toen ik vijf jaren geleden voor het eerst in Canada werkte maakten de regeltjes, de finesses en het tussen-de-regels lezen weinig uit. Het was een experiment en een avontuur, en mocht ik er geen cent (en pensioen) aan overhouden dan was er nog geen kind overboord.

Maar de laatste jaren heb ik een vaste baan, en telt elke maand mee voor pensioen. Hoewel ik weet dat ik niet op m’n 52e met pensioen zal gaan, zoals ik nog enkele dinosaurussen heb weten doen in Good Old Belgium, is het vooral een goed nieuws show: ik heb vast werk, in een land waar dat lang niet zo vanzelfsprekend is. Onze provincie heeft, buiten bureaujobs voor haantjes in Vancouver, weinig werk. Ons eiland is niet meteen het hoogtepunt van dynamiek en onze stad heeft torenhoge werkloosheid en geen spatje hoop op een heropleving van de industrie. We zijn letterlijk een rusthuisstad, met alle gevolgen van dien.

Maar, de prijs die ik moet betalen voor vele maanden lang lekker in het zonnetje kunnen zweten en daarvoor betaald worden, is de jaarlijkse sluiting. Het is te koud, planten groeien niet, de potten vriezen vast aan de grond en tuiniers komen niets kopen. De boel ligt op apegapen.

Geen nood! De werkloosheidsuitkering hier springt bij voor iedereen die “seizoensgebonden” werk doet. Ook al is de wachttijd ongeveer even lang als de sluitingstijd van het bedrijf, je bent beschermd voor een eventuele late trap van Koning Winter.
En je hoeft zelfs niet al te veel papierwerk te doen, lijkt het. Want je werkgever stuurt een digitaal overzicht van je loonbriefjes. Mooi opgedeeld per twee weken (loon komt elke twee weken op de rekening). Bijvoorbeeld.. 7 december tot en met 21 december.

Maar oh, blijkbaar moet je toch zelf ook even langs een formuliertje op de werkloosheidsuitkering passeren om dat ook zelf in te vullen. Dubbel werk, maar alla. Hoe moeilijk kan dat zijn? Je neemt je loonbriefjes erbij, en bent klaar om die twee-wekelijkse periode in te vullen. “Vul je gewerkte uren in vanaf 14 december tot en met 28 december”.

Hoe? Ha? Pardon? Zweet breekt uit. Hoeveel uren heb ik die week gewerkt? En die week? Ik weet dat ik ergens een uurtje sneller naar huis ben gegaan, maar wanneer was dat weer? Ahhhh denk denk pijns pijns..

Het resultaat is twee winters na mekaar boze brieven van de uitkering, want mijn rapport komt niet 100% overeen met dat van de werkgever. Je kan je eenmaal ingegeven rapport ook niet meer herbekijken, en om een fout te verbeteren mag je twee uren lang aan de telefoon hangen. Wanneer ik eindelijk een dame te pakken krijg valt de verbinding weg.

MAAR! Geen paniek! Je kan naar het lokale kantoor van de federale regering gaan, en daar… gratis hun telefoon gebruiken om naar de overheidsdiensten te bellen.*

Het resultaat, in dit land waar “tweetalige dienst” betekent dat de overheidsambtenaren verplicht “Hello Bonjour” moeten zeggen, om je dan in het Engels te zeggen dat ze geen Frans spreken maar wel heel veel foldertjes in het Frans hebben; in dit land waar je voor het internetbankieren enkel je bankkaartnummer en een wachtwoord nodig hebt; in dit land waar “alles nu electronisch gebeurt”; mag deze Belg voortaan op een blaadje papier gewerkte uurtjes gaan turven.

* Eerlijk is eerlijk, de dame heeft me daar uitmuntend geholpen, en nu is ondergetekende helemaal “fool proof” voor volgend jaar!

Een vlek

Ik heb zo’n rare vlek op mijn slaap. Net als mijn dochter groeit die vlek elke dag. Gelukkig niet zo snel. Maar twee jaren geleden tijdens een laatste bezoek bij de dermatoloog gaf de computer aan dat de vlek van vorm veranderde. En dan is het opletten geblazen. Simpele computer, maar heel handig. Elk jaar een kiekje en de pjoeter berekent het verschil en vertelt je of je je zorgen moet maken.

Anno 2016 werk ik in het zonnetje, en ondanks alle voorzorgen blijf ik paranoïde over die vlek. Dus hop naar de dermatoloog. Maar dit is Noord-Amerika, dus dat betekent “hop binnen een half jaar naar de dermatoloog”. Niet getreurd, vandaag is eindelijk de dag. Half uurtje wachten in een wachtzaal met louter senioren, en dan nog eens een half uurtje wachten in het kabinet. Ondertussen heb ik de receptioniste gezien en een dame die (ik vermoed) een administratief verpleegster is? Je mag je verhaaltje elke keer opnieuw opdreunen en dan is het ok, de dokter komt er aan. Ik begrijp nu ook waarom gezondheidszorg hier zo duur is, als je drie mensen nodig hebt om hetzelfde werk te doen als 1 Belgische dokter.

Ondertussen heb ik het geluk dat de baby die ik op mijn buik meedraag rustig doorslaapt, en ik doe lekker mee, zodat ik wakker schiet wanneer de dokter na een half uur eindelijk binnenkomt. De verpleegster had al gevraagd of ik “verhullende doeken” wilde. Pardon? Ik weet dat ik me moet uitkleden, dat is normaal wanneer een dokter je hele lijf gaat afspeuren naar gevaarlijke vlekken. Wat is dan het nut van een doek om alles weer te verhullen? Maar ik herinner me dat Canadezen zo preuts zijn als de oude Victorianen.

De (jonge) dokter is duidelijk gegeneerd wanneer ik me (op haar vraag) zonder problemen uitkleed, en zucht van opluchting wanneer N ook binnenkomt, de baby overneemt en erbij blijft.

Wanneer ik haar uitleg hoe in België de foto’s vergeleken worden krijgt ze het schaamrood op de wangen. “Het spijt me meneer, maar wij zijn nog niet zover gevorderd. Als, als u wil kan ik met mijn iPhone een foto nemen en naar mezelf emailen? Dan kan ik daar volgend jaar naar kijken? Is dat goed genoeg? Het spijt me meneer!”

Ik heb vaak het gevoel dat in een tijdscapsule stap wanneer ik westwaarts vlieg.

 

Zij ruikt naar zondag ochtend

Ze zeggen dat de kruin van een baby
zo aangenaam ruikt
En mensen blij en zachtaardig maakt.

Aangenaam jawel, maar hoe ruikt het dan precies?
De grote stemmen zwijgen.

Ik weet het wel.

Zij ruikt naar zondag ochtend
naar koffiekoeken en moeder’s bakje troost.

Zij ruikt naar zondag ochtend
met vader op de mat, kijkend naar een ouwe western.In zwart-wit.
Met elke dode cowboy of ridder word ik bleker
maar bezweert vader me
“na de film staan die allemaal weer op,
en gaan een kop koffie drinken”.

Zij ruikt naar zondag ochtend
Strips en boeken met zus in bed.
cassetjes vol brabbel en vreugd
Tant pis dat we de muziek van onze ouders overschreven.

Zij ruikt naar zondag ochtend
En 35 jaren zitten samengebald in één enkel
klein verbazingwekkend mensje.