Archive for december, 2015

Eerst eten. Altijd eerst eten.

Eten is (het begin van alle) cultuur.
Elke dag merk ik meer en meer hoe voedsel het vertrekpunt is van alle cultuur die mensen bindt.
De moestuin als plek van natuurlijke schoonheid, die inspiratie geeft uit haar kleuren en patronen.
Het stuurt ons dagelijks leven, de kleinste rituelen, zoals het groenafval naar de composthoop brengen.
Het verbindt ons helemaal met de seizoenen. In plaats van het vechten tegen de natuurlijke cycli drijf je er op mee. Met kolen, pompoenen en prei.
Onze muziek bezingt wat elk nieuw seizoen brengt, en wat het weer afneemt.
Mensen verzamelden zich voor gemeenschappelijk (zaai-, oogst-,…) werk, en iedereen op Pukkelpop hoort nog de echo van een oogstfeest.
Zo wil ik koken, zo wil ik leven. Het is vechten tegen vastgeroeste ideeën en patronen. Maar elke dag is er een van mogelijkheden.
Oooh yeah, ik kijk er naar uit. Kan niet wachten tot Moka voor de eerste keer bessen kan plukken in de tuin. Al de rest is bijzaak.

Hoe maakt u het, 2016?

Nog een week kerstvakantie te gaan. Na een injectie van levensinspiratie (samen met N naar de Japanse tv serie “Osen” gekeken) besluiten we zelf miso proberen te maken. Volgend jaar gaan we hopelijk naar Japan, en we dromen alvast van kookworkshops, bezoekjes aan de buurten vol winkels met kookgerei en eten vers van de boerderij.
Maar een groot, licht intimiderend, project ligt nog op mij te wachten: een kast maken voor onze thee- en andere spullen. Eentje om een plastic rek te vervangen dat we ooit kregen. Ik wil het goed doen: goed hout, goed gepland en… zonder nagels of schroeven. Twee technieken moet ik me dan meester maken. De zwaluwstaartverbinding en de pen-en-gatverbinding. Geen electrisch materiaal nodig. Mochten we verhuizen is zo´n kast zelfs makkelijk te ontmantelen.
Hoewel het dus een beetje intimiderend is, is elke stap er naartoe eentje om mijn grenzen open te breken. En dat voelt heerlijk. Voor iedereen die zich soms geleefd voelt kan ik het alleen maar aanraden. DIY. Do it yourself. Ga op je bek, sta op en probeer opnieuw. Videospelletjes hebben hun plaats (een lange busrit, 11 uur snachts en je mag geen kabaal maken,…) maar om je heen kijken en heel wat dingen zien die je zelf gemaakt hebt. Dat is fantastisch. Om je ijskast te openen en heel wat flesjes te zien zonder schreeuwerige labels en stickers. Heerlijk. Om, wanneer je baby wat last heeft van rode billetjes, een theetje te maken van zelfgedroogde goudsbloemen in plaats van een zoveelste stomme tube uit de stomme winkel, onbeschrijflijk.
Voorwaarts!

Twee maal expatverhalen

Hoewel dit een blog is van een Belg in het buitenland, schrijf ik relatief weinig “expat” verhalen. Maar hier toch twee.

The lambada? That´s the forbidden dance!

Voor de eerste keer in vijf jaren zie ik een uitnodiging voor een open cultureel festival vanuit de Snuneymuxw natie. Voor de niet-ingewijden: de oorspronkelijke bevolking van oa het gebied waar onze stad Nanaimo ligt.
Niet alleen ben ik door het dolle heen dat er zo’n festival *is*, Moka kan ook mee!
Natuurlijk is dat buiten het volume van de drums gerekend. N offert zich moedig op, en houdt Moka op een afstand die de decibels genoeg doet afzwakken.
De dansers en zangers komen zijn van de Gwa’sala-‘Nakwaxda’xw natie, helemaal op het noorden van het eiland.
Wat gebeurt is fascinerend. In het begin zie ik jongeren die bijna allemaal zwaarlijvig zijn. Ze moeten voor elke dans op een briefje kijken. De ceremoniemeester leest beschrijvingen voor vanop het schermpje van zijn telefoon. Alle ingrediënten voor een cynicus om eens goed te lachen.
Maar dan beginnen er dingen door te sijpelen. De ceremoniemeester verduidelijkt dat hij normaal gezien enkel zingt. Maar omdat hun echte ceremoniemeester er niet bij kan zijn, heeft hij beschrijvingen doorgestuurd naar de telefoon van zijn plaatsvervanger. Ik hoor dat de jongeren een eerste generatie nieuwe dansers zijn. Na twintig jaren zonder instroom. Wie van ons zou durven in een vreemde cultuur onze traditionele dansen gaan laten zien? Goed wetende dat je ze nog niet helemaal onder de knie hebt, maar er is nu eenmaal niemand meer die het beter kan? Goed wetende dat je zwaarlijvig bent? Wie van ons durft, zonder de beschermende vleugels van een Genootschap of van een Universiteit een oude traditie oppakken en leven inblazen?
Een van de zangers laat weten dat, toen hij jong was, er geen zangers meer waren. Wie wilde dansen, moest maar een cassette opzetten. En we weten allemaal hoe `goed´ cassettes klonken in de jaren 80.
Voor iedereen in de groep is dit de eerste keer dat ze zo ver kunnen reizen. Dankzij het budget van het festival. Met “ver” moet je even denken dat ons eiland zo groot is als België. Buiten schoolreizen is er geen mogelijkheid om ver weg te gaan.
Bij elke dans krijgen de zangers en dansers nu meer zelfvertrouwen. Bij de laatste dans wordt iedereen uitgenodigd, en een grote groep mensen uit publiek dans mee. Mensen van de Snuneymuxw, blanke Canadezen, oud en jong.
Na de laatste dans spreekt een oudere Snuneymuxw man spontaan de zangers en dansers toe, dankt hen, en herinnert iedereen er aan dat onder de Canadese wetgeving deze dansen zelfs verboden waren tot 25 jaren geleden. Verboden.

Bij de Santa op schoot

Ik zou uren kunnen doordrammen over het verschil tussen Sint Niklaas en Santa Claus. Maar dat hebben anderen al genoeg gedaan.
Tijdens een kopje thee vraagt een buurvrouw of ik al ben langsgeweest voor een foto bij Santa Claus. “Dat is niet echt iets waar ik veel belang aan hecht,” zeg ik. Ze is toch nog te jong om te beseffen wat er gebeurt.
“Maar het draait helemaal niet om jou, jongen! Het gaat om haar reactie binnen een aantal jaren wanneer je haar die foto toont!” Wanneer we in de buurt van het shoppingcenter zijn, zwicht ik en besluit aan te schuiven voor het plezier van la petite merveille, toekomstige tijd. Santa Claus trekt grote ogen bij de deze kleine meid. Als goede ouders laten we wat afstand, maar toch fluistert Santa ons toe: “Je weet toch dat het eigenlijk jullie zijn, die mij een geschenk geven?”