Archive for januari, 2015

Man Hands

Vorige zomer vroeg ik mijn ploegleider uit over hoe hij zijn handen verzorgt. Het is niet voor niks dat je “naald” hoort in het woord “naaldbomen”. Hij lachtte enkel luid, stak zijn vuisten omhoog in een victoriegebaar en riep “Yeah I know, maaaan haaaaands!!!”

Dit weekend genieten mijn man hands van wat rust, en ik bedenk me hoe blij ik ben dat ik de overstap gemaakt heb van “white collar” naar “blue collar” zoals dat in de klassenmaatschappij hier wordt ingedeeld. Het was van mijn beginjaren bij Kazou geleden dat ik nog eens het plezier heb ervaren van samen aan iets te werken, als een team, in plaats van het steeds maar ieder voor zich.

Een dag als gisteren vliegt gewoon voorbij: je stemt je tempo af op dat van je collega(s), je stelt je helemaal open voor de subtielste lichaamstaal zodat je bij het heffen een perfect evenwicht behoudt en je mekaars ruggegraat niet uit mekaar rukt. Zonder veiligheidscomités, Grote Woorden, diagrammen, rapporten… Je gebruikt je lichaam waarvoor het gemaakt is.

Tijdens een rondje verpotten (lees: urenlang met de spade staan zwoegen) merkte ik op dat een mens niet meer nodig heeft dan zon, goede collega’s en een fijn muziekje* op de radio om gelukkig te zijn.

“Amen” antwoorde de ploegbaas. Zonder de minste ironie in zijn stem.

* Er wordt trouwens zelden geprotesteerd wanneer ik de radio verzet naar een station met klassieke muziek. Rock’n’roll en country hebben zeker hun plaats op een Noord-Amerikaanse boerderij, maar blijkbaar is iedereen gebaat met wat variatie. 🙂

Naar buiten!

11 graden. Een hele week al droog, en een bijna volledig blauwe hemel. De rest van Canada zit te bibberen, en in New York krijgen ze hele ladingen sneeuw over zich heen. We hebben niet te klagen denk ik dan.

Voor de lol kon ik zelfs ’s savonds buiten mijn Tai Chi-routine’ken doen. We kunnen al zoveel buiten doen dat je gaat denken “ach, waarom denken we toch dat we een huis *nodig* hebben… is het eigenlijk niet gewoon luxe en verwennerij?”

Maar voor de buren aan de overkant van de straat is het geen luxe en verwennerij. Deze zomer leefden ze bij de spoorlijn, en sinds een maand hadden ze eindelijk een plekje. De mensen die aan de overkant een huis huurden hadden hen kamer gegeven. Maar het huis is vorige week door de stadsdiensten afgekeurd. Lekkende riolering en verzakkingen.

De huurders zijn al weg, maar het koppel is nog op zoek naar een nieuwe plek. Veel meer dan af en toe een luisterend oor en af en toe wat water kan ik ze niet geven. Ze hebben flink wat zware levensbagage, het soort dat ik niet in huis kan halen. Ik kan enkel blij zijn dat ze dankzij dit weer wat extra tijd hebben om een nieuwe plek te vinden.

Tatami en scooters…

..die delen een belangrijke eigenschap.

Bij grote aankopen horen grote hersenbrekers. Is het de moeite waard? Ga ik er volgende week nog zo dol op zijn? Met al mijn verbeeldingskracht probeer ik me voor te stellen dat de aankoop een dwaasheid is, en dat ik er heel gauw spijt van zal hebben.

Maar dat lukte dus niet bij de tatami. N en ik bleven er even hard naar uitkijken, twee jaar na de onbevlekte ontvangenis van het idee in beider breinen.

Nu, een week na installatie ben er ik alvast elke dag blij mee. Het is meteen en volledig het nieuwe centrum van ons huis geworden. We eten er, dutten er, doen er ons papierwerk, spelen muziek…En twee dagen geleden besefte ik de diepere invloed: N en ik zaten iets volkomen verschillends te doen, maar met de rug tegen mekaar.
Werken-aan-de-keukentafel is altijd een beetje oorlog geweest. Weinig plek, elk zn eigen stoel, en de irritatie lag altijd op de loer. FLOEP. De irritatie overleefde geen seconde op de tatami. Zelfs de kat komt vaker tussen onze benen slapen, en heeft een pak van zijn rusteloosheid verloren.

En die scooters? Toen ik in het stadje Kenting (op Taiwan) was viel me op hoeveel koppels samen op de scooter over straat peerden. Idem in Mongolië, maar dan op echte motors door de stoffige valleien. Je moet mekaar vasthouden en vertrouwen. Je werkt als één lichaam om het gewicht te verplaatsen in elke bocht.
Beeld je daarna even in hoe gezellig het is in een veel te grote wagen, waar je niet eens je hand op de benen van je geliefde kan leggen (teveel kopjeshouders en gadgets tussen beide zetels). Waar je vecht om de “ideale” temperatuur. En waar de heilige samenwerking tussen piloot en navigator na twee minuten eindigt in gekissebis.

Is er dan niets goeds aan wagens? Jawel!

La Flandre en Canada

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Het is een zondag van bij ons, maar dan in Canada.

Wat bedoelt deze cryptograaf? De winkels in het centrum van de stad zijn toe. Fermé, geschlossen. Dat gebeurt hier zo weinig dat oude lieden verbouwereerd voor de ingang van de supermarkt staan. Eerlijk is eerlijk, ik ging er ook van uit dat op z’n minst de supermarkt open zou zijn, maar ik liet mijn verbazing/teleurstelling minder zien dan de rest. Hoop ik 😉

Ik mis dat. Gesloten winkels. Toegegeven, vaak is het handig dat bijne elke winkel hier elke dag open is, en tot ver na de kantooruren. Maar het is gezond om af en toe eens beperkt te worden in je keuzes. Heerlijk. Niks is open, behalve 1 koffietent. Dus zet ik me op het terras (bij 4 graden hou je dat maar tien minuten vol), nip aan mijn koffietje en fiets lekker naar huis.  En daar is een blik in de ijskast genoeg om te weten dat we eigenlijk meer dan genoeg in huis hadden.

De “vakantie” zit er bijna op. Wat is er ondertussen waargemaakt van al die fijne voornemens? Best wat!

  • hoofdprioriteit: veel slapen en luieren. Check!
  • yoghurt maken. Check! Lekker smullen nu 🙂 En het proberen vol te houden wanneer we weer gaan werken.
  • als bonusje: de kastanjes zijn zo goedkoop dat is besluit een Japans seizoensdessertje te maken: kuri yokan. Een stevige gelei met dus kastanjes erin. Bof ik even dat ik Duits geleerd heb op school: hoewel er 101 websites melding maken van kuri yokan is er maar eentje die ook een recept geeft. Een Duitse fanaat publiceert een hoop Japanse dessert-recepten, en ik gniffel. Vielen Dank, herr Lehrer und frau Lehrerin!
  • Veel gesnoeid in de tuin.
  • Al twee keer “mijn” park geïnspecteerd. Benieuwd of ik op mijn laatste ronde nog resterende feestvierders resten van feestvierders vind.
  • Veel muziek gespeeld, en mijn lieve vrouw de beginselen van tablatuur bijgebracht. Hoe kwader ze beweert dat ze er niets van snapt, hoe beter ze wordt in het instant lezen / spelen.
  • En jawel, ook Japans geleerd en een module voor online school afgewerkt.
  • Lekker gegeten met kerst en van oud naar nieuw bij de buren. We ontdekken het plezier van hun traditie om op klokslag 12 buiten met potten en pannen zoveel mogelijk kabaal te maken.
  • Een poging gewaagd om een dure theepot te herstellen. N had hem laten vallen toen ik in België was. Ik deed mijn best haar te doen geloven dat hij eigenlijk helemaal niet zo duur was, maar uiteindelijk komt ze het toch te weten. De poging tot lijmen loopt op een sisser af. De brokken gaan in de vuilbak, en ik besluit nooit  meer zo veel geld aan een theepot uit te geven. De zeldzame brokken tussen N en mij daarentegen zijn gelukkig veel makkelijker te lijmen. 🙂

Oh enne..

De tatami vloer is geleverd! De eigenaar van een tatami-atelier in Burnaby komt op een maandag met zijn echtgenote alles leveren en installeren. Een klein uurtje later peren ze alweer richting ferry en kunnen wij voortaan onze vrije uren slijten zoals het hoort: op een lekker warme en zachte vloer. Van alwaar uw dienaar dit stukje afwerkt en de wereld in zendt.