Archive for november, 2012

Noem eens een ding dat je mist

Het lijkt een vraag die ik vaak hoor, maar gek genoeg heeft nog niemand mij dat gevraagd.

Als ik de voor de hand liggende zaken en mensen even niet meetel (familie en vriendin, betaalbare lekkere chocolade,..) dan valt mij keer op keer op: goede muziek.

Jah, goede muziek is hier zeldzaam. Hoewel Nanaimo klein is, zijn er 4 tot 8 radiostations (afhankelijk van het weer). Helaas maakt het niet veel uit naar welke zender je luistert. Je krijgt steevast dezelfde selectie in roulatie:

  • 4 minuten reclame (met craaaaaaazy deals)
  • 2 nummers ‘adult contemporary’ (lees: zielloze pianodeuntjes)
  • 4 minuten reclame (deze keer met insaaaaaane deals)
  • 2 nummers truck drivin’ country
  • 1 top 40 hitje, in een stijl die vijftien jaar geleden al overgewaaid was in Europa

En binnen die genres hoor je nooit meer dan 2 bekende nummers na elkaar. Het kost zoveel om een bekend nummer te draaien dat je vooral Bkantjes en albumtracks hoort, van B-groepen. Een beetje zoals een Spaanse camping-discotheek in de vroege jaren ’90, maar dan zonder zon en badpakken. En in Spanje kon je tenminste nog de kleine straatjes induiken rond 2u ‘snachts en een zwoele verborgen flamenco sessie vinden. Ik zeg liever niet wat je hier in de kleine straatjes om 2u ’s nachts kan vinden.

Er is een vrije radio die goeie muziek draait, helaas vooral ’s nachts. Overdag zit vol met praatprogramma’s. Alhoewel: er is een operette- en belcanto uurtje!  Dat programma, en de klassieke uitzendingen op de nationale radio (helaas enkel te horen op droge dagen) zijn de enige momenten dat ik de autoradio niet afzet in afgrijzen.

Het kan verkeren, hoewel ik als puber gefascineerd was door alle lagen van Amerikaanse muziek, lijkt veel ervan nu zo hol en zielloos. Heel veel bands die wij als ‘rock’ klasseerden zijn eigenlijk countrybands. En als je dag in dag uit Engels spreekt en hoort, dan valt de magie weg. In Europa zingen we alles mee, omdat we toch geen flauw idee hebben waar de tekst over gaat. Een keer je echt luistert….Vous ne voulez pas savoir.

De remedie? Youtube uitpluizen. Ik herontdek de kwaliteit van veel muziek uit mijn kinder-en tienerjaren. Muziek waar ik wel naar luisterde, maar niet zo wild van was louter omdat het geen Amerikaanse muziek was. Maar herbekijk het optreden van The Radio’s in 1993 op de Grote Markt in Leuven, en je ziet een echte band, met goeie nummers, veel bezieling en overgave. Luister naar Tell Me What It Takes van Soulsister (ooit door de goegemeente in de ban gedaan omdat ze, ooh, technoritmes hadden gebruikt) en je hoort een betere song dan ik hier in twee jaren tijd kon horen.

Ter info, techno is nooit tot hier geraakt. Vrienden, zelfs muzikale vrienden, snappen er hier niets van. Er is hier gewoon geen dansmuziek. In de top 40 hoor je wel eens iets dat de klank imiteert van jaren ’90 rave muziek maar je kan er niet echt op dansen, zelfs niet op en neer springen. Techno heeft de bijklank van drank en pillen, en daardoor een stigma. Je kan in sommige gevallen beter niet zeggen dat je naar discotheken ging in Antwerpen haha. Durf je gabber draaien, dan beland je vast meteen in de cel :).

Best grappig, hoe ik als kind new beat, techno, house, rave, … afkeurde (omdat ik klakkeloos de stijl en mening van mijn ouders imiteerde) maar er stiekem toch gek van was. Hier kan ik, zeker wanneer N naar haar werk vertrokken is, lekker de bassen opzetten en mijn minidiscotheek beginnen.

Wat er ook compleet ontbreekt is zwarte muziek: geen hip hop, geen soul. Enkel de Mariah Carey-variant. Maar geen Soul2Soul, IceT. Zelfs geen Euro-afro, zoals Snap.

Een kleine selectie, voor mede-expats die snakken naar wat Euro-boenk, in haar vele gedaantes:

Wat voor weer is het daar?

De vraag wordt vaak gesteld door familie in Belgë, en wordt vaak gevolgd door een foute voorspelling, die telkens charmeert door haar vastberadenheid.

Het grappige is dat Canada een onmetelijk groot land is, met heel veel verschillende klimaatzones. Terwijl het in Québec vorig jaar in maart 25 graden was, raakten we hier niet boven de 5.
Om nu voor eens en altijd van de gekheid verlost te raken presenteer ik u, tadaa, het klimaat van Nanaimo.

Je kan zeggen dat we hier in een mild regenwoudklimaat leven. Temperaturen gaan zelden lager dan 5 in de winter, en zelden hoger dan 25 in de zomer. Met een regenseizoen van half oktober tot half juli (met een paar pauzes van enkele dagen in de lente), en een droog seizoen van half juli tot half oktober. Negen maanden regen? Zo goed als. Regen, of mist, of dicht bewolkt.  Gezien het altijd vochtig is, kan 5 graden verdraait koud aanvoelen, en tijdens de zomer blijft het altijd klam.

Hoe warm en goed het buiten voelt, hangt af van zon en wind. Sta je in de zon, en uit de wind, dan is het altijd warm. Sta je in de wind, en uit de zon, dan is het altijd koud. De oorzaak is eenvoudig: de wind komt meestal uit het noord-oosten: koude poolwind. En de ozonlaag is hier een pak dunner dan in België, waardoor de UV straling je makkelijker warm houdt.

Vandaag, eind november,  is er voor een keertje zon, en wanneer ik op ons terrasje uit de wind zit, kan ik comfortabel een uurtje mijn boek lezen zonder warme kleren. En in de zomer moet ik vaak om de twee minuten verhuizen om toch maar uit de schaduw te blijven, want dan is het meteen koud.

Het effect van zo’n zonnige dag in het regenseizoen is heerlijk. Tonnen energie, goed geluimd. Ook Suzu is meteen wild, en wil tegelijk op vogels jagen, de poes van de buren bevruchten (wat hij niet kan, gne gne gne) en zich wassen. Je kan de conflicten in zijn kleine hersenpan voelen knetteren, terwijl zijn kleine lijfje spastisch heen en weer springt tussen de verschillende mogelijkheden.

Ik maak van de gelegenheid gebruik om een Van Rompuy’ken te doen, en een haiku op te dragen aan de dag. Strikt genomen volg ik de regels niet, maar als beginnende dichter geef ik mezelf wat speling.

十一月のあつい日

木からたくさんの鳥がきこえます

くろ猫は元気です

Laatste keer de berg op

Het is prachtig weer, N heeft geen wagen nodig, en het kriebelt. Dus ik rij naar mijn favoriete bergje om nog een keer van het uitzicht te genieten. Zes keren tot de top, en zes keren een andere weg terug. Het is best een heerlijk gevoel een klein beetje te verdwalen en dan met fijn wam schuldgevoel te beseffen ‘whooo als ik hier nog even naar links was blijven gaan, dan….’

Bij een kleine zijsprong vind ik de resten van een blokhut (of misschien een beschermend muurtje voor tenten). Een deel van de paden die de berg opgaan zijn oude houthakkerspaden, misschien was dit een tijdelijke slaapplaats?

Bij thuiskomst de slaapoogjes van mijn twee slaapminnende huisgenoten, en meer heeft een mens niet nodig om zich goed te voelen.

Wat brengt de herfst?

Verkleurende blaadjes in het park, wandelingen, zalmspotten en pseudo-halloween verkleedpartijen.

De klimop te lijf

Als vrijwillige parkwachter in Chase River park heb ik verschillende taken: de paden vrijhouden, met bezoekers praten, het reglement doen respecteren, afval oprapen, … en opdringerige exotische planten weren. De Engelse klimop is wel heel ijverig hier. Om de bomen in het park een kans te geven, organiseer ik een namiddagje klimop snoeien, en met de hulp van een bonte groep halen we tentzeil na tentzeil uit het park.

Wanneer ik een weekje later terugga, en met een tevreden blik merk hoe de bomen lange tijd veilig zullen zijn, begint de welig tierende daphne mijn ogen uit te steken. Tijd om weer aan het plannen te gaan.

Naar Vancouver voor een glaasje

Natuurlijk zijn we niet zo decadent dat we naar Vancouver varen voor een glaasje plezier.

N’s vriendin Jumana huwde vorig jaar een Cubaanse man. Na lang wachten zijn ze nu eindelijk samen, en zijn aankomst in Canada werd gevierd met een receptie.

Eerst even van de gelegenheid gebruik maken om de Sun Yat Sen-tuin binnen te wippen, waar enkele Tibetaanse monniken zandtapijten aan het maken waren.  Zoals je die ziet bij straatartiesten, maar dan een pietsie gedetailleerder.
De receptie is een bont mix van West Europeanen, Canadezen, Jordaniers, Chinezen.. Het getrouwde koppel is dol op salsa dansen, en tijdens de  ‘openingsdans’ geven ze dan ook meteen van jetje. Het nadeel van twee semi-professioneel dansende mensen als start van de avond is dat iedereen geintimideerd is, en de Jordaanse dames wagen zich er dan ook niet aan.

We raken aan de praat met een jonge man wiens ouders gemengd Chinees-Antwerps blijken te zijn. N’s ogen worden zo groot als koffietasschoteltjes. Bij het buitengaan vertelt ze me ‘dus zo zullen onze kinderen er waarschijnlijk uitzien’.

Cedar, dichtbij maar exotisch genoeg

Ten zuiden van Nanaimo ligt Cedar, een kleine gemeente waar vooral boeren en mensen op pensioen wonen. Er is 1 supermarkt en 1 koffiehuis. En gelukkig een mooi stukje natuur.

Met de korte dagen en de vele regen is er niet veel kans er nog op uit te trekken, maar Hemer park is nog net bereikbaar met mijn 50cc scooter, via de laatste afslag van de hoofdbaan voor het autosnelweg wordt.

Voor mij voelt dit plekje bijna aan als thuis, tot ik aan de overkant van het meer alweer zoveel naaldbomen zie.