Archive for augustus, 2012

Zweten, of toch niet?

Tot vorige week was het hier lekker warm. Bijna 30 graden, zo heb ik het graag. Wekenlang rondlopen zonder sokken en (meestal) bovenkleren. Da’s natuurlijk een voordeel van geen werkvisum te hebben haha. De enige keren dat ik een trui aanmoest was in de supermarkt. Het concept van energiebesparing slaat nog niet erg aan, met als gevolg dat de hele supermarkt ijskoud is. Iedereen rondom mij klaagt dat het te warm is, terwijl het voor mij hier eindelijk ‘begint’ haha.

Ik liep voorbij een bar, en zag een grote poster op de deur “vanavond gesloten wegens airco kapot”. Wanneer ik terugdenk aan heldhaftige bezwete zomeravonden in Belgische cafées dan moet ik helaas besluiten dat ze hier op het eiland niet veel gewend zijn.

Ondertussen is het alweer een pak kouder. Het is nu wachten op de laatste hittegolf in september en dan is het weer 9 maanden uitkijken naar iets beters.

Advertenties

Eten, altijd maar eten

De gemeenschapstuin kampt met een wortel- en bietendief, verdorie! Om hem voor te zijn doe ik alle resterende wortels uit. Maar wat doe je met een hoop wortels? Soep maken natuurlijk! Met de wortels maak ik dikke soep, en met de blaadjes maak ik een soort thee (goed voor de nieren!) en groentesoep. Tip: een gedroogde steranijs erbij maakt het groen minder bitter. Dat doet me er aan denken dat ik nogal lui ben geweest in foto’s maken van geslaagde recepten haha. Maar bon, dit is geen kookblog dus ik trek me het niet teveel aan.

Tot mijn groot plezier worden N en ik uitgenodigd voor avondeten bij een klasgenote uit Toronto. Speciaal voor N en mij, watjes als we zijn, moet ze haar pikante currysoep milderen. Meestal zijn wij het die koken voor de entourage. Wat ik heel fijn vindt, maar het doet deugd eens rustig te kunnen genieten hehe.

Verdwaald

Gezien N minder tijd heeft dan ik probeer uit mijn vele uitstapjes de fijnste plekjes te distilleren, en haar op sleeptouw te nemen op haar vrije dagen.  Zo merk ik dat Piper’s Lagoon in de zomer lichtjes aangenamer is om te zwemmen dan in Maart. We komen regelmatig een duikje nemen en N tank er graag een paar uurtjes extra slaap. Neck Point is ook een heerlijke ontdekking, een park dat gered is van de projectontwikkelaars.

Op mezelf ontdek ik de Linley Valley, midden in een groot stuk bos dat in het midden van Nanaimo ligt. We rijden er vaak omheen, en het lijkt een pietluttig bosje. Maar wanneer ik op de willen boef op verkenning trek verdwaal ik. Dat komt ervan als je van die kleine oranje linten volgt. Meestal duiden die op een pad, of een moutainbikeparcours. Maar op een gegeven moment kom ik terecht in een immense groeve (waar binnenkort een nieuwe woonwijk komt). Het mountainbikepad is niet meer toegankelijk, maar in deze dichte naalbossen is zo weinig licht dat het pad na jaren nog steeds niet overgroeid is. Na een uur van hevig klimmen en klauteren vind ik het hoofdpad terug en kan ik eindelijk aan het laatste uur terugwandelen beginnen.  Lovely!

In het terugrijden merk ik nog een heuvel op, waar ook zal gebouwd worden. Snel over de barrière wippen en wat kiekjes schieten. Het zich is de moeite waard, en dat alleen al zal er voor zorgen dat de nieuwe huizen hier onbetaalbaar zullen zijn. Maar ze mogen ze houden 🙂 Ik heb hetzelfde zicht, gratis en voor niets 🙂

En natuurlijk geraak ik hierdoor in een filosofische bui…

Ik merk hoe Nanaimo een amorf iets is, het is als een magisch wapen in fantasy films, dat de ziel van de krijger reflecteert 🙂 Hou je van natuur, dan zal je de stad zien als een aaneenschakeling van parken met heel wat mogelijkheden om van de kust te genieten. Maar hou je niet van natuur, dan zie je vooral lange afstanden tussen de centra, vele kromme banen en onbegrijpelijke gaten in de stad. Nanaimo betekent iets anders voor mij dan voor een gepensioneerde die wekelijks de taxi neemt om boodschappen te doen en verder nergens meer geraakt. Een shoppingcenter is voor sommigen een heerlijke ontmoetingsplek, voor anderen een duivels oord van verderf.

En de kaart zegt ook niet alles. Misschien staat er een klein parkje op de kaart, met ‘industrie’ er rond. Maar dat blijkt dan onbenutte industriegrond te zijn, waardoor het kleine parkje een immens bos is. En privébos is vaak toegankelijk, maar je moet het ‘weten’.

Ik probeer dankbaar te zijn voor de kansen om te genieten van de natuur. Als kind en tiener kon ik nooit van zomers genieten door hooikoorts, en dat heeft sporen nagelaten. Op een winderige dag heb ik hoofdpijn en ben ik rusteloos, omdat ik paniekerig verwacht dat ik een zware aanval ga krijgen. PS voor lezers die mij niet kennen: de hooikoorts die ik had was van het zwaarste kaliber. The real deal. Ziek en uitgeput zijn de hele zomer lang. Maar ik dwaal af.

Langzaam begint wind iets anders te betekenen, maar ik kan bv niet skateboarden op een winderige dag, ik ben nog altijd te rusteloos. En dan gebeuren er ongelukken 🙂

Nog wat meer filosofie? U vraagt, wij draaien!

Hoewel ik altijd zeur over de rotte winters en lente hier, ben ik toch blij met seizoenswisselingen. Piper’s Lagoon verandert bv van winterwandelparadijs in een subtropisch (alla) zwemoord.  Eilanden worden schiereilanden, dan een lagune, dan weer een eiland. Elke keer je komt zijn de mogelijkheden anders.

Gek genoeg brengt al die vrijheid ook veel gevoel van onvrijheid met zich mee. In plaats van blij te zijn dat ik overal in de stad (en zelfs tot aan Mount Benson) kan geraken met de scooter, mopper ik dat ik zonder wagen niet uit de stad geraak. Of ik zie een kayakker, en ik wil kayakken in plaats van wandelen. Dat is een vreemde reflex, want als je bv een walvis ziet, dan kan je ‘puur’ genieten van het feit dat de walvis in vrijheid zwemt en jij niet, zonder jaloers te zijn. Maar een kayakker staat dichter bij. Je zou hem kunnen zijn als je zou willen. Dus we vergelijken onszelf. PS dat is ook de reden waarom niemand jaloers is op het loon van zijn of haar directeur, maar wel op het loon van het diensthoofd.

De kust hier doet me altijd terugdenken aan de plaatsen die me het meest aan het hart liggen: West-Australië, Portugal en Bretagne.

telkens kom ik terug tot de volgende punten: zee, rotsen, bos en bergen. aussi, portigual frankrijk, hier…

Zo, genoeg gewauweld, hasta la siempre!

Wat doe je met de blues in Nanaimo?

Op een blauwe maandag rij ik dan graag naar ‘mijn’ plekjes en kom een beetje tot effen. Departure Bay, het monument voor de eerste Chinese pioniers en het Chinese kerkhof. Reden? Daar is nooit een kat 🙂

Aan Departure Bay is het tij uitzonderlijk laag, en op de een of andere manier moet ik aan Spanje denken.  Ah, de blues is al voorbij sie.

Kopje thee, deel 4

En jawel, het is gelukt! De nilu is nog heel, en we genieten van een heerlijk kopje thee buiten.

Rond Newcatle en Protection, ahoy

Korte maar fijne kayakdag met N. Ik vergeet zonnebrandolie maar ‘gelukkig’ verandert het weer snel en krijgen we niks dan wolken. Kayaken rond Newcastle en Protection is populair (zeker op een feestdag) maar de meeste mensen geven halverwege op keren na Newcastle al terug. We hangen wat rond op ‘ons’ mini eilandje en helpen een gestrande Tsjech en familie om z’n motorboot weer in dieper water te krijgen.

Tussen Newcastle en Nanaimo is het water kalmpjes, maar aan de open kant zijn er toch flinke golven en stroming. Maar N is een straffe madam en we zetten dapper voort. Rond Protection is het een pak drukker maar we geraken heelhuids thuis en puffen lekker uit.